Logboek

26 april 2014.

Eindelijk de eerste wrakduik van het jaar, dat werd wel weer tijd. In de week voorafgaand het weer in de gaten gehouden en het zag er redelijk uit.

Alleen het zou van vrijdag op zaterdag nog wel wat wind staan bij Den Helder. Helaas waren alle duikers bezet deze Koningsdag, dus alleen met Peter en Martin Kleijn. Het zou voor Martin zijn eerste wrakduik worden op de Noordzee. Ik vroeg of hij snel zeeziek werd, maar dat wist hij niet. We hebben toch allemaal maar een pilletje genomen want ik wist zeker dat er een golfje stond.

Buiten gekomen stond er een best golfje, wel 1,5 meter en dat is toch iets meer dan dat ze hadden voorspeld. Ik wilde eigenlijk de route over maar met deze golven kon ik niet echt doorvaren, wat dus ook inhield dat we dichterbij gingen duiken, dan maar tegen de route aan.

Ik ging eerst met de sonar over het wrak, maar daar werd ik niet vrolijk van, een hoop verzanding. Dan maar een ander wrak pakken en dat werd de E47 een Engelse onderzeeër uit de eerste WW oorlog. En dat zag er beter uit op de sonar. Anker bij het wrak gegooid en de mannen konden zich gelijk klaar maken voor de duik. Toen Martin zijn pak aan trok begon hij toch wel wat bleek te worden. De nekseal begon zijn vruchten af te werpen. Met een sierlijke boog gooide hij het ontbijt over de muur. Het eerste wat ik tegen hem zij was, welkom op de Noordzee.

Nadat hij nog een paar maal de vissen aan het voeren was geweest hebben we hem te water laten gaan om op een paar meter onderwater bij te kunnen komen. Aan de oppervlakte zag het zicht er niet goed uit en dat bleek ook wel na de duik, zo´n 1,5 meter. Na een 40 minuten kwam Martin als eerste weer boven.

Toen alles weer aan boord was besloot ik rustiger water op te zoeken anders zou het wel een erg zware dag voor Martin worden.

Ook werd het water rustiger na de kentering en het zonnetje was erbij gekomen. Dus al met al een mooie dag. Martin had het niet lekker en aangezien dichter bij de kust het zicht alleen maar beroerder werd besloot ik om de tweede duik te cancelen.

Zo liepen wij om 15.00 uur weer Den Helder binnen.

Coen van de Mac.O

Een lekkere najaarsduik

De zaterdag kwam de Sint weer in Nederland, hij bracht ook wat rustiger weer mee. Dus wij mochten de zondag weer lekker een duik op de Noordzee maken! Het plan was om één duik te gaan doen. We wilden gaan duiken op de E47. We gingen vol goede moed naar de sluis omdat we in de auto op weg naar Den Helder een mooi vlak IJsselmeer zagen. Zodra we de Noordzee op waren was er toch nog een leuk golfje volgens Windguru 90 cm. Dus het was weer een hobbelige vaart.  Toen we bijna bij de E 47 aangekomen waren kwam er een groot platform aan die door een drietal slepers in toom werd gehouden, onze richting op. Dus werd er over de marifoon overleg gevoerd. Zij wilden dus over de E47 varen en wilden weten of er genoeg water voor ze stond, omdat ze ook beperkt manoeuvreerbaar waren. Dit was ruimschoots het geval dus moesten wij een ander wrak uitzoeken in de buurt, dit werd een coaster die een stukje verder lag. Nadat we voor anker lagen konden we nu ook bijna direct te water. Michael die vandaag voor het eerst meeging zou met mij mee duiken.

Nadat we bij het anker aan kwamen werden de reeltjes vast gezet en konden we het wrak verkennen. Het wrak was begroeid met anemonen en er waren veel steenbolken en  kabeljauwen, ook de krabben waren ruimschoots vertegenwoordigd.

Het was kortom weer genieten en de tijd onderwater vloog voorbij.

Na deze duik had Coen voor ons een lekker kom soep klaar staan, zodat we weer lekker warm konden worden. Nu was het weer tijd om de haven weer op te zoeken, ondertussen waren de golven ook aardig minder geworden zodat we een lekkere kalme vaart terug naar de haven hadden. Kortom weer een fantastische dag zelfs Michael was zeer enthousiast, hopelijk heeft hij niet het Noordzeevirus te pakken anders wordt het straks druk op de schepen. Voor nu heb ik mijn Noordzeevirus weer onder controle hopelijk kunnen we voor de winter nog een tochtje doen.

Groetjes Richard.

Noordzeevirus 8: Gevolgd?

Het was een drukke week geweest, we kregen nadat we het onbekende wrak hadden verkent een aanvraag van de Telegraaf of ze ons mochten interviewen. Nou dit komt natuurlijk niet iedere dag voor, dus we waren er wel trots op en zegden toe om op woensdagmiddag met z'n allen bijeen te komen in Den Helder. Hier werden allemaal vragen gesteld wat ons wrakduikers beweegt om te gaan wrakduiken. Dit interview duurde ruim twee uur en zou zaterdag in de krant komen, tenminste als de Koningin of Koning niet iets brak of zo. Wij waren natuurlijk zeer benieuwd wat er van gemaakt werd, dit was een mooi verhaal geworden. We hebben allemaal natuurlijk de zaterdagbijlage gekocht.

Die zondag was het gelukkig weer mooi weer en konden nu nog een keer heerlijk gaan wrakduiken! Coen had nog een paar puntjes die nader geïnspecteerd moest worden. Het was een lekker weertje maar er stond toch meer wind dan voorspeld en er stond een kort en venijnig golfje. Nadat we de sluis hadden gepasseerd ging het gas er weer op. Maar toen we net de kom uit waren zagen we ook  Ernst varen, hij zou ook meedoen voor maar één duik. Dus hij zou ons met zijn eigen boot vergezellen.

Terwijl we richting het eerste punt gingen varen zagen we in ons kielzog nog een boot varen. Eerst sloegen we daar niet zoveel acht op, maar toen we ons klaar maakten om met de sonar in de weer te gaan minderde ook het andere bootje gas? Dit vertrouwde we niet helemaal dus gingen we even poolshoogte  nemen bij het bootje. Daar aangekomen zagen we de mannen “onschuldig” een bakje koffie inschenken! Dus nu moesten we gaan bedenken wat we zouden gaan doen. Zou dit het nadeel zijn van zo'n stukje in de krant? Dus er werd overlegd met Ernst, zullen we maar naar de Madrid gaan? Tja het valt niet mee als “bekende” Nederlander. Ernst was het er toch niet mee eens en ging naar het bootje toe. Daarna ging het bootje toch voorzichtig verder varen, en kwam Ernst bij ons terug en vertelde dat deze mannen wrakcoördinaten moesten hebben voor het vissen, maar ze hadden helemaal geen hengels aan boord? Gelukkig verwijderden ze zich steeds verder uit het zicht en konden we eindelijk met de sonar in de weer.

We vonden het puntje algauw en het zag er veel belovend uit. Nu was het tijd om het anker uit te gooien, maar wat was er nu aan de hand Coen was er inmiddels al vier keer overheen gevaren maar we mochten het anker niet uitgooien! Dit was voor mij een nieuwe ervaring Coen die het NIET voor elkaar krijgt om een mooie plek voor het anker kan vinden! Hij werd daar behoorlijk sacherijnig van, maar toen kwam het verlossende woord JAAA, plons en het anker lag op zijn plek. Volgens Coen lag hij niet op het wrak, maar wel heel dichtbij. Het was nu de hoogste tijd om te water te gaan. Het wrak, ja het was inderdaad toch een wrak, lag op diepte van 8 mtr. Het zicht was redelijk goed met een meter of vijf.  We konden dus ons onderzoek onderwater heel goed uitvoeren. Er waren twee onderwatercamera's waar we alles mee op film en foto konden zetten. Er stond al een redelijke stroom, maar we konden toch een uur de boel goed verkennen. Na deze duik hadden we weer alle tijd om naar de tweede stek te gaan, het duurt toch een 6 uur voor we weer te water kunnen. Ook dit punt leek veel belovend dus was het even wachten tot we te water konden. We hadden nog een half uur voor de kentering officieel begon toen de stroming er al duidelijk minder werd. Dus ongeduldige mensen die we zijn, gingen we snel omkleden en te water.

Ook dit was een heel interessant wrak dit wrak lag op 20mtr. Hier gingen we ook weer met de camera's in de weer om een gedegen onderzoek te kunnen doen op dit wrak. Hier bleven we bijna een uur onderwater. Na deze duik was het tijd om weer naar de veilige haven te varen. Op de weg terug werd er een lekker soepje geserveerd, tijdens dit soepje werden de wrakken uitvoerig besproken.

Nadat we weer in de veilige haven waren aangekomen en alle spullen weer in de auto's waren gelegd, werd er weer afscheid genomen. Nu is het thuis weer tijd om weer met de gegevens te gaan zoeken om te kijken welke wrakken we nu hebben ontdekt. Dus wanneer het weer niet meer meewerkt hebben we nog wat onderzoek te doen. Zo kunnen we het virus gedurende winter onder controle houden.

Groetjes Richard. Tot het volgende Noordzeevirus 

Zaterdag 16 november zag er redelijk uit om te gaan duiken, dus spullen in de auto en naar Den Helder, iedereen was op tijd dus op naar de sluis. Maar nadat ik had opgeroepen kreeg ik de melding van de sluis dat hij stuk was. Nog een halfuur gewacht, maar de monteur was nog onderweg, dus weer terug naar de haven en in de auto. Jammer.

Zondag 17 november zag er nog beter uit dan de zaterdag. Met Richard, Hugo, Han en Michael naar buiten. We hadden het plan om naar de E47 te gaan, daar aangekomen zag ik al op de radar dat er een behoorlijke vlek onze richting op kwam. Met deze koers zou hij recht over het wrak komen, dus op de AIS gekeken welk schip dit was, naarmate het dichterbij kwam zagen we uit de grijze massa een kolossaal gevaarte aankomen. Drie slepers en een brok booreiland. Toen een van de slepers opgeroepen of wij konden blijven liggen of dat wij moesten wijken, die ging even overleggen met de andere slepers die voorop voeren. Toen hij bij mij terug kwam vroeg hij of wij wilden wijken en met de vraag hoeveel water er boven het wrak stond. Nadat wij door hadden gegeven hoeveel water er stond, gaven wij aan dat we meer naar het westen gingen om dan een ander wrak te pakken. We werden hartelijk bedankt. Dan maar strak tegen de route aan om op een coaster te duiken. Hier zag het water er ook beter uit dus helemaal goed. Michael was voor het eerst mee op de Noordzee en zou zijn eerste wrakduik gaan maken, nadat wij hem wat theorie bijgebracht hadden ging hij overboord.

Richard zou hem begeleiden.

Boven was het inmiddels gaan miezeren en trok het wat dicht, op de radar had ik geen schepen meer in de buurt alleen in de route, maar daar hadden we geen last van.

Na een 35 minuten kwam Michael als eerste weer boven met een behoorlijke grijns op het gezicht.

Zijn eerste woorden waren, wat is dit prachtig, te gek. Dus ik denk zo maar, weer een Noordzeegek erbij.Toen alles weer aan boord was hebben we even een kopje soep genomen om wat bij te komen. Hierna begonnen we aan de terugreis, om 15.15 uur waren we weer in de haven. Was weer een heerlijke dag.

Coen, van de Mac.O

 

Met 5 man zouden we naar de E 36 gaan die Hans Eelman gevonden zou hebben. Vrijdagmiddag al wezen sonarren en aan die beelden te zien was het zeer twijfelachtig of het wel een onderzeeër zou zijn. Het wrak lag veel te veel verspreid voor een onderzeeër, het lag wel over een gebied van dik 200 meter en dat is normaal gesproken niet mogelijk bij zo’n wrak. Dus werd er besloten om zaterdag een onderzoek te gaan doen op de (E36).

Afgesproken werd om 11.00 uur uit de haven te vertrekken.

Iedereen was op tijd, dus varen maar. Ik was vandaag opstapper bij coen, omdat de groep niet te groot was en wel op één boot kon. Eenmaal de haven uit stond er toch wel een goeie wind, Oost 5 en zou volgens de verkeerscentrale aan gaan trekken naar 6 Bft.

Eenmaal op de plek aangekomen werd er toch getwijfeld door Coen of het wel verstandig was om te gaan duiken, aangezien de wind zou aantrekken. Na beraad toch besloten om dan maar een korte duik te maken.

Dus de camera’s werden klaar gemaakt en met zijn vieren te water om te kijken of het wel een onderzeeër zou zijn. Beneden aangekomen (wel 7 meter diep) was het zicht goed, ongeveer 4 meter, en het was meteen duidelijk dat dit geen onderzeeër was. Het anker lag meteen bij een schroefastunnel wat door Eelman voor een onderzeeër werd aangezien, verder nog stalen wanden met ook veel houten blokken voor de touwen van het zeil, reserve schroef(van staal), dus dit was onmogelijk een onderzeeër, wat we aan de hand van de beelden al verwacht hadden.

We zijn maar een halfuurtje onder geweest maar het was duidelijk dat het om een koopvaardijschip moest gaan.

Maar welke? Nou dat hopen we ooit nog een keer te ontdekken.

 

Hugo Raven, van de Red Rover