Logboek

Na de vakantie eens even een mailtje sturen naar Coen, met hierin de vraag of er binnenkort nog plek was op de boot voor een dagtrip. Binnen 5 minuten werd ik opgebeld, waarin verteld werd dat er misschien zondag wel werd gedoken. Mits het weer het toe laat uiteraard. Die zaterdagmiddag kregen we het verlossende antwoord. Ja het gaat door. Er was voor 2 personen ruimte, want hij had ook al andere duikers aan boord.
Marcel en ik hadden er nu al zin in, de dubbel 7 werd opgetopt en de spullen gereed gezet. Deze stonden nog bij mij in de garage en bij wijze van spreken nog niet droog van de vorige duik. Vroeg naar bed en de volgende ochtend stond ik om 6:15 uur bij Marcel op de stoep. De reis ging naar Den Helder. Om 7:30 uur kwamen we aan in de haven, en we laadden de spullen alvast aan boord. De kapitein liet niet lang op zich wachten, we werden aan een aantal andere duikers voorgesteld en om 08:00 uur werd de boot gestart en voeren we de haven uit.
Binnen 5 minuten zat de sfeer er al goed in. Een ieder had er zin in, en zo vertrokken we door de sluis van Den Helder richting de Noordzee. Er stond nu redelijk wat golfslag, vors meer dan vorige keer. Marcel ging weer sturen, dit lijkt gewoonte te gaan worden. Maar onder de kenners weten we dat dit een diepliggende gedachte heeft. Marcel voelde zich “king of road”. En zo vaart hij dan ook, inclusief bochten en rotondes. Normaal gesproken vaar je er een uurtje over, maar we hebben er iets langer over gedaan omdat er geen rechte lijn werd gevaren. Na een tijdje werd de motor zachter gezet en gingen we op sonar het wrak zoeken. We gingen vandaag duiken naar de “Minataur”. Een oorlogsschip van de Engelsen welke op 22 december 1810 op een zandbank liep. Een vrij oud schip, maar we zouden toch dingen moeten kunnen herkennen. Tevens zouden er nog kanonnen bevinden op de bodem van de zee. Het wrak werd gelokaliseerd en het anker werd overboord gegooid. Het anker heeft heel even gekrabbeld, maar zette zich al snel vast. Marcel en ik gingen samen duiken, nadat we de spullen om hadden gedaan liep ik richting het achterdek. Nadat ik het sein had gekregen dat ik overboord mocht stappen liet ik mij in het water glijden. Er was een touw gespannen tussen het  achterdek en ankerlijn. Hier zwom ik dan ook direct naartoe. Bij de ankerlijn die naar beneden ging lag mijn gereedschap al geduldig op mij te wachten net zoals een extra complete persluchtfles. Ik koppelde het gereedschap aan een D-ring van mijn trimvest en vervolgde mijn weg naar het anker. Vooraf was afgesproken dat ik het anker zou controleren of deze wel goed vastzat. Daar aangekomen heb ik het anker iets dieper en steviger vast gezet en draaide mij om richting ankerlijn om te kijken of Marcel al beneden was. Die bleek al in opperste staat van paraatheid te zijn en nadat we de wrakkenklos hadden vastgemaakt aan het anker begonnen we aan onze duik. Binnen 5 minuten hadden we een holletje gevonden waar wel eens iets in kon zitten. Ik gebaarde naar Marcel en deze zat er gelijk met kop en oren in. Niet veel later kwam hij tevoorschijn met een rond gevaarte in zijn hand. Het was een kanonskogel, ook ik zag een bult met gevaarte liggen en begon met mijn wandelstok (breekijzer) een hefboom te creëren. Na wat krachtmetingen had ook ik iets in de handen wat zou kunnen duiden op een kanonskogel. Beide gevallen werden in de gevonden voorwerpen bak gedeponeerd en vakkundig dicht gesnoerd met behulp van een strop. De strop werd hierna vast gemaakt aan de kleine hefballon die voor het horizontale afstand gebruikt werd om de grote hefballon te bereiken. Deze kleine hefballon was een uitkomst. Een leer die we uit de vorige duik getrokken hadden. Het ging perfect. Het tasje met ijzer werd vastgemaakt aan de grote hefballon waar ook het anker aan vastzat en de duik werd voortgezet. We hebben een aantal kanten op gezwommen, waar stuitten alleen op zand. Toen op het moment dat we de andere kant van het wrak maar eens gingen bezoeken keek ik naar de manometer van Marcel, 90 bar. Normaal gesproken ben ik zuiniger met mijn lucht dan Marcel, maar ik had wel wat arbeid verricht. Toch maar even kijken, nog maar 60 bar. Verhip, dit had ik niet van mijzelf verwacht. Maar arbeid onder water neemt veel lucht. Nu wist ik dit wel, maar ik had het nog niet in deze mate bij mezelf mee gemaakt. Een extra reden om de compressor om te bouwen naar 300 bar, de dubbel 7 300 bar had ik inmiddels al, alleen de vulmogelijkheid nog niet. We maakten ons los van de ankerlijn en gingen via de ankerlijn omhoog. De andere duikers zouden het anker lichten m.b.v. de grote hefballon. Nadat we enige tijd op 5 meter hadden gehangen ben ik richting achterdek gezwommen en aan boord gestapt.
Het was voor Marcel en mij wel even spannend op het moment dat de hefballonnen met hieraan de kanonskogels aan boord kwamen. Hadden we alles wel goed vast gemaakt, is het wel naar boven gekomen, krijgen we het heelhuids aan boord en is het brok ijzer van Bjorn nu echt wel een kanonskogel. Ons geduld werd gelukkig niet lang op de proef gesteld. Al snel kwam de hefballon boven en niet veel later de 2 andere duikers. Nadat de andere duikers aan boord waren gestapt werd de ballon richting het achterdek gedirigeerd. Het koste ons enige moeite, maar alles is veilig aan boord gekomen. Vol trots staan we hieronder op de foto met kanonskogels in de tas, net nadat deze aan boord werd gehesen.

kogels

Hierna werden alle spullen weer in de tassen gedaan en ging de reis naar Texel. Hier hebben we een speciaal biertje gedronken, namelijk Texels bier. Een naam die je niet snel verwacht op dit eiland. Ik moet zeggen, dit is een biertje die iets wat zoet overkwam. Je drinkt er geen liters van op, maar zo op zijn tijd. Je vaart toch langs het eiland, en je moet de dag wel helemaal pakken.  Nadat we het toilet ook hadden bezocht en hadden afgerekend liepen we weer richting de Mac O.
De trossen werden losgegooid en we voeren richting de haven van Den Helder. In de sluis nog wat vis chanteren, dit slaagde helaas niet maar het was het proberen waard. In de haven hebben we nog een drankje genomen, geproost op een geslaagde dag en heerlijk van het zonnetje genoten. We mogen weer terugkijken op een fantastische dag, leuk gezelschap en vooral een mooi souvenir voor thuis.

Thuis gekomen ben ik verder gaan bikken, en ook ik ben in het bezit van een kanonskogel van de “HMS Minataur”. De kogel ligt nu in een bak met zoet water. Hier mag hij eerst nog wel even in liggen, circa een jaar. Hierna is er een mogelijkheid om de kanonskogel goed geconserveerd te krijgen, namelijk door het verhitten in een oven. Dus over een jaar nog maar eens kijken of dit gaat lukken. In die tussentijd moet het water wekelijks ververst worden, dus zie ik hem nog wel regelmatig. Hij kan straks mooi in de voortuin liggen, naast het anker uit Zeeland.

Hieronder nog even een foto van Marcel met de kanonskogel in de handen.

marcel

Met vriendelijke groet,

Bjorn Sloos en Marcel Vreeling Duikteam Heerenveen

Het duikjaar 2008 begon voor ons met het Pinksterweekend op Terschelling met 4 man: Leonard, Erik, Peter en Hugo. Onderweg naar Terschelling met rustig weer een duik gemaakt op de UB 61.

Het zicht was ca 1 meter, wat niet zo spectaculair was. Daarna op naar Terschelling en aan de Wilhelmina van Piet Greben vastgelegd. Even later kwam de Zeester van Klaas Koch de haven in. Natuurlijk eerst bijpraten met iedereen en met de nodige biertjes werd het al weer snel gezellig. Na het eten ‘s avonds naar de clubavond van duikvereniging van Terschelling:de Equador geweest, waar je zoals gewoonlijk weer tot in de late(of vroege?) uurtjes door kon gaan. Pink1

Wij zijn vroeg (23 uur) naar bed gegaan omdat we er weer op tijd uit moesten om te duiken op de Kerwood, het koperwrak.

10-05-2008
’s Ochtends om 5 uur hoorden we de Zeester al weggaan en ik heb besloten het rustig aan te doen en een wrak dichterbij te nemen. Dit omdat ik sterk het vermoeden had dat de Zeester er ook heen zou gaan en ik had geen zin om met 2 boten op het wrak te duiken. Wij vertrokken dus 1,5 uur later en zijn naar wraknummer 2790 geweest, deze ligt net onder de Thasos. Na ongeveer een half uur onder te zijn geweest met een zicht van 0,5 meter, hadden wij het wel gezien. Eenmaal weer boven aan boord gekomen hoorden we via de marifoon dat er problemen waren met duikers op de coördinaten van de Kerwood. De Wilhelmina lag niet ver bij ons vandaan dus het moest op de Zeester zijn. We zaten natuurlijk vol spanning te luisteren naar de afloop. Na verloop van tijd begrepen we dat het goed fout was en dat er een duiker was omgekomen. Later hoorden we dat het Hugo Geijteman was, wat voor iedereen een enorme klap was. Hugo is meteen onderzocht in het ziekenhuis en daar werd geconstateerd dat Hugo een hartstilstand heeft gehad, waar hij of wie dan ook niets aan kon doen. Dit alles heeft natuurlijk wel een domper op het weekend gegeven en er werd over bijna niets anders gepraat. Je kwam er telkens wel weer op terug. We zullen zijn gezellige aanwezigheid missen.

11-05-2008
We gaan vandaag naar de Otto om een vracht stenen(graniet) te halen voor om de vijver. Erik en Peter gingen met een groot net naar beneden om het net uit te leggen op de bodem en benutten de rest van de tijd om stenen in het net te verzamelen.

Na 40 minuten kwamen ze weer boven en konden Leonard en ik naar beneden om nog meer stenen te verzamelen om ze met een grote hefballon naar boven te brengen. Beneden aangekomen kwam ik erachter dat we alles op de tast moesten doen omdat het zicht maar 20 centimeter was. Er bleken wel stenen in het net te liggen en heb er zelf ook nog een paar in kunnen leggen en op de tast de vier uiteinden van het net aan de ballon vast kunnen maken. Leonard kwam ik op het einde pas weer tegen, die had nog een zandanker gevonden met een heel eind touw er nog aan, dus ook met de stenen mee naar boven. pink2

Petje af voor Peter en Erik, dat ze nog zoveel stenen hadden weten te verzamelen want je zag echt geen hand voor ogen. Weer scheef(van de stenen) terug naar de haven, want we wilden nog even naar Hille, voor het museum en uiteraard voor een paar biertjes en een ouwehoerenpraatje.

Pink3

12-05-2008
Het weekend zit er weer op en om 4 uur ’s ochtends weer varen om de stroom mee te hebben. Onderweg bij Texel nog even een duik op de HMS Minotaur. Ik had er zelf niet zo veel zin in, het was het hele weekend al slecht zicht dus het zat mij wel goed. De andere drie wel te water en na 30 minuten kwam eerst Leonard boven en daarna Peter en Erik.

Pink4 pink5

De laatste twee met de mededeling dat ze de bel hadden gevonden maar niet los hadden kunnen krijgen. Ze hadden er wel een touwtje naartoe gebracht zodat ze hem de volgende keer weer zouden kunnen vinden. Nou, dat kan natuurlijk niet!~Die bel moest er vandaag uit anders gaat een ander er mee weg. Dus heb ik toch zelf mijn pak maar aangetrokken en samen met Leonard en grote koevoeten en hefballon naar beneden waar we zicht hadden van 5 meter en makkelijk het lijntje naar de bel konden volgen. Met een koevoet van 1 meter 30 lukte het om de bel uit het zand te krijgen. De hefballon eraan en hup naar boven. De bel aan boord gehesen en bekeken wat er op stond( hij was brandschoon), maar er stond niets op, geen merk, geel letters, helemaal niets. Volgens het klokkenmuseum uit Asten ging het hoogstwaarschijnlijk om een buitgemaakte Franse bel. Dit vanwege de vorm van kroon waar hij aan hangt.

Zo werd dit sombere weekend voor ons toch nog positief afgesloten.

Hugo Raven

S’morgens om 06.00 uur uitgevaren, we hadden de sluis al opgeroepen dus die stond al open.
Na geschut te hebben volgde de Moormanbrug.
Na de brug riep ik de verkeerscentrale op en gaf het aantal personen en de diepgang door.
Ook dat we via het Molengat naar buiten gingen.
In het Molengat draaide ik bij de MG 7 naar bakboord om naar het eerste wrak te gaan.
De eerste duik zouden we maken op de HMS Hero. Gezonken op 28 december 1811.

cap_hero hero

Captain James Newman-Newman geboren 1767. Zijn eerste commando voerde hij op de HMS Ceres in 1795.
Tijdens een storm verging het schip samen met de Captain op de Haakgronden .
12 personen overleefden deze ramp.
Sonarbeeld van een klein puntje van het wrak.
scan_hero
Aangezien we op het kleine puntje doken waren de duikers al weer gauw boven.
Er lag niet veel.
Dus tijdens de kentering gauw naar een ander wrak in de buurt.
Dat is de Batavier 2, ter water gelaten in 1897 en door de Britse onderzeeër E55 beschoten en gezonken op 27 - 7 - 1917 bij Texel.
Stoomschip half vracht half passagiers.
Daar prima gedoken met redelijk zicht.
Op een gegeven moment kwam de stroom er al weer lekker in.
Hierna zijn we naar de Red Rover gegaan, die lag 6 mijl van ons vandaan.
Die had een paar gastduikers mee, die wilden ook even bij mij aan boord kijken.
Na een rondje gevaren te hebben ging ik ze weer afzetten bij Hugo, we konden niet bij elkaar blijven want er stonden toch wel golven.
Toen ik dacht dat iedereen over was bleek dat ook Hugo in de boot was gesprongen.
Toen maar weer een rondje gevaren.
Was wel gezellig druk zeg maar.
Hierna iedereen afgezet en afgesproken dat we een wrak in de buurt zouden pakken om daarna met twee boten terug te varen naar Den Helder.
Maar na een 20 minuten werd ik opgeroepen door de Tarka van Sjaak.
Dat is een visser die met zijn boot altijd met sportvissers naar buiten gaat.
Die had zijn anker vast op een wrakje vlakbij de NH cardinale noordton van de Haakgronden.
Hij vroeg of het mogelijk was om zijn anker los te maken.
Nadat ik doorgegeven had dat we onderweg waren ging Ferry zich alvast omkleden.
Na 15 minuten varen kwamen we al in de buurt.
Ferry stond al klaar om te springen ik zou hem recht op de ankerlijn van de Tarka varen.
Maar voor ik het wist sprong Ferry al, even te vroeg want nu moest hij snel zwemmen om de lijn te kunnen pakken.
Ferry had van te voren zijn set klaar gezet, met de flessen open, Peter had daarna de set nagekeken of alles goed zat en had voor de zekerheid de flessen nog even dicht gezet.
Dus toen ferry de ankerlijn van de tarka vast had zag ik al gauw een blauw aangelopen hoofd.
En voor wie wel eens in de stroming heeft gedoken en met twee handen een ankerlijn moet vasthouden weet ook dat je daarna echt je eigen flessen niet meer kan opendraaien.
Dus moest hij zich weer los laten, nadat we hem weer aan boord getrokken hadden en flessen opengezet hadden voer ik hem recht op de lijn, na mijn brul uit de hut liet hij zich gaan.
Hij zakte gelijk af naar beneden, ik vroeg aan Sjaak of hij zijn ankerlijn wilde laten vieren zodat Ferry wat speling kreeg beneden.
Na 6 á 7 minuten kwam hij weer boven en kon Sjaak zijn anker binnenhalen.
Hierna bleven wij op deze positie rondhangen.
Toen de kentering in de buurt was gooiden wij onze dreg op dit zelfde wrak.
Er zat veel vis volgens de mannen en het is een leuk wrakje om op te duiken.
Nadat iedereen hun duikspullen opgeruimd hadden gingen we richting het Molengat en onder het genot van een balletje pindasaus en een biertje voeren we op ons gemak terug naar Den Helder.
Om 17.00 uur lagen we weer in de sluis.
Dit was weer een heerlijke dag op zee.
Coen.
Van de Mac. O

Ik ben Hans Koemeester opstapper op de Mac O. En sinds 1994 gebrevetteerd duiker.

Door het zeezeilen ben ik in aanraking gekomen met de duiksport. Heb jaren met een open catamaran gezeild en ging zomers veel mee met schippers die richting Engeland gingen. Eén van de schippers had zelfs duikapparatuur aanboord. Zowel een duikcompressor als duikuitrustingen. Heb mijn introductieduik in het openwater gemaakt voor de kust van Engeland. Met deze schipper “Rob Beijnsdorp” een bekende schipper heb ik heel wat zeemijlen gemaakt. Rob had het plan om met de ‘Pride of Mother sea’ trajecten van 6 weken op de wereldzeeën betaalde reizen te organiseren. Rob heeft het schip zelf gebouwd maar helaas was zijn schip te duur geworden en hij kon de bank niet terugbetalen en moest het uiteindelijk verkopen. Het schip een Collin Archer is nog steeds in de vaart en kan nog steeds gehuurd worden met of zonder schipper.

Ik zou ook een traject mee gaan en Rob zou het heel fijn vinden als ik mijn duikbrevet zou halen. Het was geen vereiste maar hij zou het toch wel prettig vinden als ik mijn papiertjes daar voor haalde. Zo gezegd zo gedaan. Alleen was dus het feit dat er geen schip meer was toen ik mijn brevet had.

Uiteindelijk ben ik dus een duikvereniging gaan zoeken en er was er zelfs een bij mijn in het dorp. Duikteam de Dolphijn genaamd naar het voormalige zwembad in Assendelft. Bij deze vereniging heb ik mijn duikervaringen opgebouwd tot wat het nu is. Ben inmiddels al een duikje of 400 rijker. Bij de vereniging liep Coen Onstwedder ook rond. Coen was al wat langer lid. Coen was toen al eigenaar van een schip. Hij had een vaste bemanning en bij tijd en wijlen was er wel eens een plekje vrij en mocht ik mee. De voorzitter van de club wilde ook graag zijn eigen schip en daar ben ik lange tijd vaste bemanning van geweest. Helaas is een eigenschip geen goedkope hobby en heeft het schip uiteindelijk verkocht. Heb toen nog heel wat jaartjes met Roel Vijver meer geweest op de Benguela. Was na lange tijd club lid af. Maar vulde nog wel mijn flessen bij de club. Coen heeft mij toen uitgenodigd om eens met hem mee te gaan. En zo is het gekomen dat ik nu weer regelmatig met hem mee ga.

Ik moet zeggen na volle tevredenheid. Coen is een goede schipper en het schip is zeker voor zijn taak goed uitgerust. Zowel motorisch als de apparatuur die hij aan boord heeft.  Ferry is Coen zijn vaste maatje die verzorgd het stouwen van de duikuitrustingen en neemt het ankeren voor zijn rekening. Dit zijn maar een paar activiteiten die Ferry uitvoert. Op de achtergrond is Ferry bezig om de site van de Northseadivers te onderhouden enz enz.

Maar een dagje mee met Coen is echt een ongelofelijke ontspanning. De laatste keer waren Peter Vet (ook vaste bemanningslid) René van den Berg en Ferry mee. Vertrektijd was 6.30. Iedereen had er weer zin in. In de sluis die ons naar de Noordzee toe laat, (We vertrekken uit Den Helder en Coen zijn schip ligt in een binnenhaven). was de sfeer al super best. Niemand moest bijkomen van het vroeg uit het mandje te komen. Het was al lachen, gieren en brullen in de sluis. Het was gezellig van af het eerste uurtje. Coen heeft altijd verse koffie mee en ik neem altijd gevulde koeken mee. De motor met 230 pk aanboord is als we het wad opgaan inmiddels op bedrijfstemperatuur en met een fluitend geluid van de turbo scheren we richting Noordzee. Het is echt een genot om de motor te horen werken.  Het zou een mooie dag worden qua weer . De golven waren niet hoger dan 50 tot 60 cm. Het was toch wel fris op het water. Ik kleed mij altijd goed aan. Maar de andere klaagde dat het toch wel fris was. Op het land was het beter toeven dat melde de vrouw van Coen, Simone heeft nog even gebeld. We waren nog binnen het bereik van de telefoon. De eerste duik zou een klein wrakje zijn. Nou dat was het ook. Met de apparatuur van Coen lag het anker er precies overheen. Nou was het ook niet groter dan 1.5 vierkante meter. We zijn alle vier beneden geweest en hebben gezocht naar meer maar er was niet meer. Goed er was nog tijd om snel naar een ander wrak te varen om ons aldaar nog voor de kentering in het water te laten zakken. Helaas was de kentering al in gezet dat we beneden waren en vond ik de stroom te veel en ben met René naar boven gegaan. Ferry en Peter hebben wel iets langer gedoken. Om van boord en aan boord te komen staat Coen altijd behulpzaam klaar. We zouden 2 duiken maken, duiktijd was s’middag ergens rond half 3. De tijd die je hebt tussen twee duiken is zo’n 5 uur. Ik heb denk ik wel een 3 kwartier even geslapen. In die tussentijd is Ferry even een anker wezen loshalen van een schipper die in de zelfde haven ligt als Coen. Hij was aan het vissen en kreeg zijn anker niet meer los. Hugo van de Red Rover was uitgevaren met duikers. Even buurten bij de mannen. Die wilde toch wel even met Coen kennismaken tegelijkertijd overhandigde Hugo zijn laptop er was iets mee, Ferry kijk jij er even naar was de vraag. Ferry had het nog voor dat we de mannen terugbrachten al voor elkaar. Want er moest even op vol vermogen gevaren worden. Is gewoon even kicken de Mac O doet het zonder morren maar gromt er heerlijk op los. Is gewoon genieten als ik het goed zeg loopt hij ergens tussen de 25 en 30 knopen.

De tweede duik was heerlijk ontspannen duiken. Zat nog wel even met mijn voet in de lijn van René maar het zicht was niet verkeert, zelfs beter als de ochtendduik. Toen hadden we hoogwater. Meestal met hoogwater is het zicht beter maar dat zegt dus ook niets. Het is dus geen wet dat bij hoogwater beter zicht is. Uiteindelijk was het weer tijd om terug te gaan naar de haven. Deze keer geen zeehond voor de sluis. De vorige keer kwamen we een zeehond tegen voor de sluis. We hebben toen nog makreel gevangen en konden hem naar 3 keer gevoerd te hebben uit de hand laten eten. Het is een behouden vaart geworden en zijn met een gebruind gezicht weer naar huis gekeerd. Moe maar voldaan en onwijs veel plezier gehad.

Hans Koemeester

5 juni 2004

We zouden een duik gaan maken op wraknummer 681. Dit voor ons onbekende wrak ligt in de luwte van de Razende Bol met de wind uit het Noorden. Het zicht was beperkt tot 1 meter, maar Piet, de bofkont, vond meteen de telegraaf. Dit is altijd een geliefd object voor duikers.
Hij kon hem eigenlijk ook niet missen omdat het anker er nagenoeg bovenop lag. Ik had zelf ook een mooie vondst, nl. het log en twee raampjes. Dus ondanks het slechte zicht en veel stroming toch een goede duik. Maar het wrak lag toch niet zo in trek omdat het altijd slecht zicht en een sterke stroming heeft.

20 augustus 2005

Het waaide flink uit het Noorden dus duiken buitengaats was geen optie en omdat het water erg helder was, de dag ervoor hadden we nl. ook al gedoken, besloten kees en ik om weer eens naar de 681 te gaan. We zijn er wel achter gekomen dat met hoogwater spring eigenlijk niet valt te duiken. Met een kentering van 10 minuten ging Kees alweer naar boven, want de stroming begon al aardig sterk te worden. Ik had zelf weer twee raampjes in een stuk plaatwerk en een stuk reling gevonden die ik nog even naar het anker wilde brengen. Nou, dat heb ik geweten! Ik wist na al die jaren op de Noordzee niet dat er zo´n stroming kon staan dat het bijna onmogelijk was om je op het wrak vast te houden, laat staan je spullen ook nog eens naar het anker te brengen. Het is me ondanks alles toch gelukt en bekaf kwam ik weer terug in de boot. Na alles in de boot te hebben gehesen en weer terug in de haven lagen, waren we het er over eens dat er veel meer af te halen was, maar niet met spring!!

4 september 2005-10-30

loodsboot_clip_image002

Het was mooi weer en omdat er niemand met me mee wilde besloot ik alleen te gaan en een uitgebreide verkenningsduik op de 681 te maken. Het was mooi dichtbij en de stroming was niet zo sterk, dus een leuke duik. Op het dek vond ik een reserve stokanker die ik met wat wrikken met de koevoet loskreeg. Even verderop, op het voorschip, geloofde ik mijn ogen bijna niet, maar ik vond daar een afweergeschut. Meteen meenemen was geen optie, want ik was alleen. Een week later heb ik Leonard weten te strikken om mee te gaan om anker en  geschut te bergen. Na er een paar keer omheen te hebben gevaren, ik wilde mijn eigen anker er natuurlijk zo dichtbij mogelijk krijgen, hebben we het anker uitgegooid. Beneden gekomen zagen we dat het gelukt was mijn eigen anker naast het reserveanker op het dek te gooien, hetgeen een hoop gesleep scheelde.

stokanker red rover

We hadden twee hefballonnen van 500 kilo mee, een voor het anker en een voor het afweergeschut. Het anker van ca. 300 kilo was geen probleem maar een hefballon van 500 kilo voor een kanon van bijna 500 kilo heft deze maar heel langzaam omhoog! Leonard, die inmiddels al in de boot was, begon meteen de lijnen binnen te halen. Dit moest allemaal heel snel gebeuren omdat de stroming en de wind je zo op het zand van de Haak zetten. Ondertussen was ik ook in de boot en kon ik ook helpen de spullen binnen te hijsen met het kraantje dat maar net sterk genoeg was. In de haven alles in de aanhanger gelegd, de boot schoon gemaakt en weer terug naar huis. Al met al was het een geslaagde, maar vermoeiende dag geweest.

snelvuurkanon1

Intussen was het wel duidelijk dat de 681 een voorpostenbootje moet zijn geweest, maar nu was de vraag´ welke.
Ernst Jongejan  is een duiker die regelmatig met ons meegaat en is iemand die ook aardig de weg weet in de boeken en de geschiedenis van de wrakken. Hij wist uit te zoeken dat het wrak voor het eerst in 1945 werd beschreven, met de mast nog tijden boven water. In de jaren 60-70 verzandde het wrak helemaal en in 1995 kwam het weer tevoorschijn. Bij onze eerste duik in 2004 stak hij voor de helft uit het zand en nu is het wrak er helemaal uit. Weliswaar in een slijtgeul maar toch helemaal vrij, de binnenkant van het wrak ligt nog wel vol zand.
Tijdens het schoonmaken van het afweergeschut kwamen er koperen plaatjes vrij met enkele gegevens, kaliber 3,7 cm.,  een huls van 6,7 cm., gewicht en dat soort gegevens. Deze gegevens heb ik naar Hille van Dieren op Terschelling gestuurd met de coördinaten en wat foto´s. Hille weet zo´n beetje alles wat er op de bodem van de Noordzee ligt en heeft ook veel gegevens van Duitse vergane schepen in de Noordzee. Een uur nadat ik mijn gegevens had gemaild had ik al antwoord van Hille. Het betrof mogelijk stoomloodsvaartuig nr. 12, gebouwd in 1915, 488 ton, 42,3 meter lang 3n 7.33 meter breed.

Met een 3 cilinder triple expansie stoommachine, bewapend met 2 stuks 3,7 cm. Kanonnen. Tot zinken gebracht door Wellingtons van het RAF squadron op 17 januari 1945 bij Nieuwe Diep.
Ik was inmiddels nog een keer wezen duiken wat een handpomp voor olie en een mitrailleur opleverde. Nadat ik het geweer schoongemaakt had bleek hij te zijn gemaakt bij Hembrug, nu Eurometaal, in 1938 model 08/15. Bij het museum van de Grebbeberg staat zo´n geweer opgesteld, het is een 8 mm machinegeweer, watergekoeld en al vanaf begin 1900 werd gemaakt.

loodsboot_clip_image004
8 mm machinegeweer in Kazematten museum te Kornwerderzand.
mitrailleur1
Gevonden op loodsboot 12 en schoon gemaakt

Ik denk dat de gegevens van Hille juist zijn. Het geschut klopt, ook is het een stoomschip want ik heb er steenkool op gevonden. In het midden van het schip zit over de hele breedte een gat waar hij is geraakt en waar veel steenkool in ligt. Ik heb nog geen gelegenheid gehad om het wrak op te meten omdat er de laatste tijd aldoor een harde Zuidenwind staat en dan kun je daar echt niet terecht. Ik hoop er dit jaar nog een keertje heen te kunnen om het op te meten en er helemaal zeker van te zijn dat het om dit schip gaat.

Hugo van de Red Rover